Kittens, katten en Taurine

 

Een kitten heeft net als een volwassen kat als voeding voldoende aan een prooidier. Een prooidier wat een moeder opbraakt voor haar kittens is niet anders dan het prooidier wat moeder of het volwassen dier zelf eet. Het gaat altijd om de juiste prooidierverhoudingen. Kittens en pups groeien langzamer op verse voeding maar met een veel stevigere basis. Commerciële brokvoeding bestaat uit bij elkaar geraapte ingrediënten, waarvan een groot deel synthetisch wordt toegevoegd. Dit is noodzakelijk omdat er met het verhitten veel stoffen verloren gaan. Synthetische stoffen worden door het lichaam niet op dezelfde manier verwerkt als levende organische stoffen. Hierdoor kunnen dan juist tekorten optreden, waardoor percentages van vitaminen en mineralen veel nauwkeuriger komen dan in een rauw prooidier waar alles al perfect in verhouding is en compleet wordt opgenomen.

Taurine is een aminozuur wat een kat niet zelf aan kan aanmaken en uit haar voeding moet halen. Taurine vind je vooral in hartweefsel en spierweefsel. Taurine gaat, net als bijvoorbeeld vitamines achteruit in kwaliteit, bij invriezen.  Hoe langer ingevroren hoe lager de kwaliteit wordt. Supervers rauw voer (zelf vangen) is natuurlijk het mooiste maar in ons dagelijks bestaan voor de meeste huisdieren of hun mensen, niet haalbaar. Gekoeld is goed, maar bederft snel en je moet vaak naar de slager, waarbij je niet zeker weet of het in het traject niet al een keer bevroren is geweest. Het beste alternatief is dan diepgevroren rauwe voeding. Hoe vaker vlees en orgaan ingevroren wordt hoe meer de kwaliteit achteruitgaat door proces vriezen/ dooien.

Bij verhitten, wat nodig is om brokken te maken gaat Taurine helemaal verloren, daarom wordt het er later synthetisch aan toegevoegd, anders overleeft een kat niet op brok. Synthetisch heeft echter nooit dezelfde voedingskwaliteit als vers.

Alle vlees bevat Taurine en hart bevat extra Taurine. Twijfel je aan de kwaliteit van je rauwe voer voor je kat, geef dan wat extra hart. Een Taurine tekort ontstaat echter niet snel bij goede kwaliteit vleesvoeding in juiste verhoudingen bot/ spier/ orgaan, zolang de voeding niet een heel traject doorlopen heeft van “afvalverwerking”: dooien, vriezen en/ of verhitten.

Geef een reactie