Schone tanden - een pak van je hart

Gebitsproblemen vormen het meest voorkomende probleem bij honden en katten. Een schrikbarende hoeveelheid van meer dan 70% van de dieren heeft tegenwoordig  bij een leeftijd van 2 jaar al gebitsproblemen. Wanneer deze niet behandeld worden, kan dit uiteindelijk verschillende systemische aandoeningen veroorzaken of deze zelfs creëren.

Vanuit gebitsproblemen kunnen namelijk klachten gerelateerd aan de nieren, lever, het hart en de longen ontstaan. Echter ook extra complicaties bij diabetes of tijdens dracht, maar zelfs bepaalde typen tumoren kunnen zich vanuit tandgerelateerde aandoeningen ontwikkelen.

Daarnaast kunnen infecties in de mond en rondom het tandvlees ook leiden tot gaatjes in de tanden, afgebroken tanden, orthodontische ziekten, tandresorptie, wortelkanaalabcessen, kaakfracturen, nasale infecties en zelfs oogverlies en orale kanker komen voor als gevolg van problemen in de mond.

Tandgerelateerde aandoeningen starten vanuit de opbouw van plak, welke niet van de tanden verwijdert is. Elke keer als je hond of kat eet, blijven er restjes voeding en bacterien rond de tandaanhechtingen zitten. Afhankelijk van de soort voeding, met name de plakkerigheid, zal de hoeveelheid die blijft zitten meer of minder zijn. Deze dunne laag voeding welke je meestal niet kunt zien, wordt tandplak genoemd. Wordt de laag niet weggehaald, dan zal het na een paar dagen gaan verharden, door verkalking van de tandplak onder invloed van speeksel. De harde laag die dan ontstaat, wordt tandsteen genoemd. Op de plaatsen waar de speekselklieren uitmonden in de bek, zal zich meer tandsteen ontwikkelen, met name bij de grote kiezen en aan de achterkant van de ondersnijtanden.

Tandsteen zelf is niet schadelijk voor je hond of kat. Doordat het oppervlak van tandsteen echter ruw is, vormt het een ideale plek voor hechting van bacterien. Dit verhoogt weer de kans op ontstekingen rond de tanden. Het tandvlees verandert van een roze kleur naar rood en een slechte adem kan ontstaan. Wordt de tandplak niet verwijdert, dan kan het zich opstapelen onder het tandvlees, waardoor uiteindelijk terugtrekken van het tandvlees ontstaat. In de kleine open ruimtes die hierdoor ontstaan tussen tand en tandvlees, de zogenaamde pockets, kunnen zich nog meer bacteriën schuil houden.

hond-gebit

Noot: Oudere dieren kunnen soms sterker uit hun mond ruiken en de lucht kan zelfs erg vies zijn. Ook als de tanden wit ogen en er geen tandplak zichtbaar is, kan een gebitsprobleem hier de oorzaak van de klacht zijn. Bacteriën die zich in de ruimte tussen tand en tandvlees ophopen kunnen verscholen ontstekingen veroorzaken met een vieze lucht als gevolg.

 

Gingivitis & paradontitis

Wanneer het probleem zich voortzet, zal ontsteking van de slijmvliezen, het tandvlees en het bot rondom de tanden zich voortzetten. Gingivitis en paradontitis zijn dan het gevolg. Deze ontstekingen gaan gepaard met pijn, abcessen, infectie, losse tanden en zelfs botverlies is mogelijk.

Bij veel dieren merk je in het begin nog niets van de heftige pijn aan het gebit, maar hoe erger het wordt, hoe minder goed ze het verborgen kunnen houden. Ze gaan steeds langzamer en moeizamer eten en in ernstige gevallen stoppen ze zelfs helemaal met eten. Sommige dieren komen dan nog wel enthousiast aanlopen als het etenstijd is, ze hebben immers gewoon honger. Eenmaal voor het gevulde bakje, bedenken ze zich omdat het eten teveel pijn doet. Ze kunnen dan voor de bak blijven dralen, piepen of er treurig naast gaan liggen.

De bacteriën die constant aanwezigheid zijn in de aangetaste mond, kunnen via het ontstoken- en mogelijk zelfs bloedende mondslijmvlies makkelijk in de bloedbaan terecht komen. Eenmaal in de bloedbaan, zullen de bacteriën door een goed werkend immuunsysteem worden gedood. Is het immuunsysteem echter verzwakt zoals bij oudere, jonge of (chronisch) zieke dieren, dan worden ze meegevoerd op een tocht door het lichaam. Met name op het de kleppen of op de binnenwand van het hart, nestelen de bacteriën zich graag. Door irritatie van het weefsel kunnen ze daar ontsteking veroorzaken. Deze ontsteking kan de hartkleppen ernstig beschadigen en door het littekenweefsel wat vervolgens gevormd wordt, kunnen de hartkleppen vervolgens niet goed meer sluiten. Bij de dierenarts wordt dan een hartruisje geconstateerd.

Vanuit het hart kunnen de bacteriën echter ook naar andere orgaansystemen gevoerd worden. Ook aan de andere vitale organen als lever en nieren kan dus schade met bijbehorende symptomen optreden.

Ook bepaalde bacteriën die van nature in de mond van je dier voorkomen. kunnen leiden tot hartproblemen. Ze vormen eiwitten die aan de binnenwand van de bloedvaten blijven plakken. Hoe meer van deze bacteriën voorkomen, hoe meer eiwit er gevormd wordt en hoe dikker de wanden van de bloedvaten worden. Hierdoor wordt de doorgang van de bloedvaten steeds nauwer en is er steeds minder ruimte om het stromende bloed te laten passeren. Dit kan leiden tot hartbeschadiging.

Tenslotte kunnen bacteriën ook nog zorgen voor het vormen van bloedklonters die het hart (en andere orgaansystemen) kunnen beschadigen.

Zo’n 15% van de jonge honden en tot de helft van de oudere honden heeft hartproblemen. Uiteraard zal het gebit niet bij al deze problemen dé oorzaak vormen. Erfelijke factoren, voeding, aanleg, er zijn nog tal van andere mogelijke oorzaken. Zeker bij zulke ernstige aandoeningen is voorkomen echter beter dan genezen en al helemaal als het voorkomen niet echt heel veel moeite hoeft te kosten!

Om het hechten van tandplak te voorkomen, is het belangrijk dat voeding niet aan de tanden blijft plakken. Hierdoor zullen de bacterien in combinatie met het speeksel geen plak en tandsteen kunnen vormen. Plakkerige voeding maakt meer kans om gebitsproblemen te veroorzaken dan grotere stukken waaruit een natuurgetrouw carnivoredieet is opgebouwd. In de natuur slikken veel dieren grote stukken vlees in één keer door.

Gemalen voeding komt in de natuur alleen voor wanneer pups of kittens de opgegeven voeding van moeder krijgen. De voorverteerde voeding van moeder maakt het voor de pups en kittens makkelijker om het eten te verteren. Langzaam maar zeker zullen de stukken die ze krijgen steeds groter worden en worden maag en darmen sterker. Ook hun kaken trainen ze door te kluiven en stukken spiervlees en orgaan te knippen. Met hun schaargebit knippen ze de nog te grote stukken in kleinere stukken, welke ze vervolgens moeiteloos naar binnen schrokken.

Het knippen van de grote stukken vlees en vis, maar zeker ook het kluiven op rauwe botten, zorgen ervoor dat de tanden als het ware gepoetst worden. Het kluiven op botten helpt bij het wegschrapen van tandplak van de tanden. Het kraakbeen, de ligamenten en pezen die je hond en kat tegen kunnen komen wanneer ze ongemalen rauwe voeding eten, wrijven tegen en rond elke tand. De zijkant, voorkant, maar ook de achterkant en de ontstekingsgevoelige rand op de overgang van tand naar tandvlees worden op deze manier geflost.

Botten en grote stukken vlees zijn dus niet alleen erg belangrijk voor de vitaminen en mineralen huishouding in het lichaam, ook voor behoud van een gezond gebit en voorkomen van daaruit voortvloeiende aandoeningen.

Ongemalen rauwe voeding voorziet dus aan alle eisen die een carnivoor aan z’n dieet stelt. Gemalen rauwe voeding voorziet wel in de o zo belangrijke voedingsstoffen, maar kan bij sommige dieren alsnog tot tandplak leiden doordat het makkelijker aan het gebit blijft plakken en in de gaten tussen de gebitselementen kan blijven zitten.

Bij dieren op gemalen voeding is het daarom erg belangrijk dat je aanvullende maatregelen neemt als kauwsnacks of het poetsen van de tanden.

Net als bij gemalen voeding, blijft ook natvoer zoals voer uit blik of zakjes makkelijk tussen de tanden plakken. Dit voer heeft weer de voorkeur boven droogvoer als het gaat om het binnen krijgen van voldoende vocht zoals bij katten, dieren die uit zichzelf onvoldoende drinken bij brokken en/ of dieren met nierproblemen. Als het echter gaat om het gebit, dan heeft dit voer de minste voordelen. Niet alleen bevat deze voeding door het verhittingsproces minder vitaminen en mineralen in z’n orginele en meest werkzame vorm, ook blijft deze voeding makkelijk aan de tanden plakken. Dit komt niet alleen doordat het zacht is, maar ook omdat de zogenaamde natte voeding net als de meeste brokken naast wat vlees vooral plantaardige ingrediënten bevatten die tandplak veroorzaken als rijst, tarwe, maar ook mais, aardappelen en andere zetmeelhoudende producten. Snelle koolhydraten vormen de grootste bron van problemen in het gebit, omdat ze in het lichaam worden omgezet in suikers. Deze suikers zullen leiden tot de vorming van tandplak.

De meeste dieren schrokken hun brokken zonder te kauwen naar binnen. Hierdoor kan het voorkomen dat sommige dieren op brok weinig tandplakvorming hebben. Echter, doordat de brokjes klein zijn en makkelijk wegschieten, hebben de meeste dieren ze toch al snel wat langer in hun mond. De koolhydraten in de brokjes zullen door de suikers al snel een filmpje tandplak op de tanden achter laten. De tanden die het meest in aanraking komen met de koolhydraten zullen de grootste tandplaklaag vormen. Zo kan het zijn dat je een hond hebt die prachtig witte voortanden heeft, maar als je dierenarts naar de zij- of binnenkant van de kiezen kijkt er een dikke tandsteenlaag tevoorschijn komt.

 

pup-vers-vlees

Noot: Alleen pups en kittens eten in de natuur ‘gemalen’ voeding, opgegeven door hun moeder. Trainen door het eten van steeds grotere stukken vlees, maakt dat de kleintjes al snel mee kunnen doen met een volwassen carnivorenmenu .
Op deze manier kunnen ze zonder extra moeite een schoon gebit onderhouden als de tanden eenmaal gewisseld zijn.

 

Tandenbrok’

Er zijn tegenwoordig echter brokken in alle vormen en maten verkrijgbaar, als ook voor elke aandoening en elk ras. Zo zijn er ook de speciale ‘tandenbrokken’ ontwikkelt. Het uitgangspunt van deze brok is, dat deze door z’n omvang (minimaal 13 mm) ervoor zorgt, dat de dieren toch al snel een keer moeten knippen. Daarnaast bevat de brok volgens de fabrikant een speciale structuur, waardoor “het voedsel zich eerst rond de tanden zet voor het wordt gemaald.”

broktand-hondBij het doorbijten (doorknippen) van voedsel maalt een carnivoor het eten niet fijn zoals wij mensen, of herbivoren dat met de platte kiezen doen. De kiezen van de carnivoor glijden langs elkaar als de bladen van een schaar. Ze knippen hierbij de grote brok doormidden. Wanneer je met een schaar plakband, of papier met lijm knipt met een grote hechtingscapaciteit, zal je merken dat de bladen van je schaar na een paar keer knippen plakkerig worden. De schaar gaat steeds minder makkelijk open en dicht en is niet meer fijn in gebruik. Ditzelfde principe vindt plaats wanneer je dier zijn kiezen keer op keer gebruikt om de koolhydraatbommetjes door te knippen. Koolhydraten hebben namelijk ditzelfde lijmeffect. Deze lijm blijft echter gelukkig niet plakkerig waardoor het dier z’n kiezen niet meer langs elkaar zal kunnen bewegen als bij de schaar, de tandplaklaag zal omgezet worden in tandsteen.

Het voordeel van deze grote brokkensoort is dat de structuur door de vezels zodanig is, dat deze brok minder kruimelt dan de gemiddelde brok. Hierdoor blijven er minder stukjes tussen de tanden en kiezen zitten, waardoor er minder tandplak gevormd zal worden dan bij een gewone brok. Deze vezelmatrix is er verder voor bedoeld om “de tanden zachtjes te schrapen, wat de ontwikkeling van tandsteen, tandplak en vlekken afremt”.

Echter ook met een tandenbrok zal op den duur nog tandplak ontstaan, hoewel de fabrikant na onderzoek claimt dat de brokken een remmend effect hebben op de ontwikkeling van tandsteen, tandplak en verkleuring.

Hoewel we als mensen dus prachtige producten kunnen maken voor de dieren in ons leven en we ze daar graag mee verwennen, is het de vraag of we ze er ook echt een plezier mee doen. Is het niet een stuk makkelijker om de natuur z’n werk te laten doen? Je kat een lekker kwartelkarkasje aan te bieden en je hond te zien kluiven op een konijnenboutje? Dat kunnen de meeste dieren wel appreciëren: een smakelijke tandenborstel en gezond product voor je carnivoor in één!

Het hebben van witte tanden betekent niet automatisch dat het dier ook een gezonde
mond heeft!
Juist de bacteriën verscholen in de pockets kunnen sluipend problemen veroorzaken.
Laat het gebit dus regelmatig door je dierenarts controleren.
Geef een reactie