Voeding voor Paarden

"Laat uw voeding uw medicijn zijn en uw medicijn uw voeding".

Deze stelling werd ruim 2300 jaar geleden door Hippocrates bedacht en is voor mens en dier nog altijd actueel.

 

 

Voeding heeft een zeer belangrijke invloed op het welzijn en de gezondheid van elk individu en er worden vele boeken geschreven over voeding voor zowel mens als andere dieren. Wij mensen kunnen onze eigen keuze maken uit de verschillende visies die er zijn, onze gedomesticeerde paarden zijn echter volledig afhankelijk van ons mensen betreft hun voeding en eventuele aanvullingen die zij krijgen aangeboden.

Lang waren paarden onze “medewerkers”, op het land of voor de kar. S ’avonds en s ’nachts konden zij eten en uitrusten op een weide en overdag kregen ze wat haver of andere granen als krachtvoer om de zware arbeid aan te kunnen. De paardenkrachten zijn vervangen voor gemotoriseerde voertuigen en paarden worden nu voor de hobby of sport gehouden. In feite een luxe en daarmee gepaard gaat het aanbod van luxe voer middelen voor je paard. Er is zoveel op de markt voor paarden, er zijn zoveel verschillende meningen. Dit blog wil je een inzicht geven over de voedingstoffen die een paard nodig heeft en hoe haar spijsverteringsstelsel werkt zodat je zelf een goed overwogen besluit kan nemen over de voeding, aanvullende voeding en supplementen die je je paard wil aanbieden.

Paarden zijn grazers en herbivoren.

Paarden zijn grazers en de natuurlijke voeding voor grazers bestaat uit grassen, kruiden wat boomtakken en eventueel een groente- of fruit- lekkernij die bij uitzondering op hun pad komt. Paarden behoren tot de groep van herbivoren oftewel planteneters en wel tot die planteneters die gespecialiseerd zijn in het verteren van cellulose, de stof waaruit stengelige planten zoals grassen zijn opgebouwd. Het verteren van cellulose vraagt aanpassingen in het spijsverteringsstelsel. Een mens die veel planten kan verteren kan bijvoorbeeld geen gras verteren. De natuur heeft verschillende oplossingen bedacht voor het verteren van cellulose: één daarvan is het hebben van meerdere magen zoals je dat ziet bij herkauwers (veel soorten maar bijvoorbeeld: rund, hert, giraffe, geit en schaap). Een andere oplossing is een zeer grote dikke darm en blindedarm om het verteringsproces van de cellulose te laten plaatsvinden zoals je dat bij paarden ziet.

Een globaal inzicht hoe het spijsverteringskanaal van een paard functioneert is belangrijk om je keuze te maken over de voeding en eventueel supplementen die je je paard wil aanbieden. Een paard kan niet braken. Iets wat eenmaal is opgegeten moet bij een paard dan ook het hele spijsverteringskanaal door. Daarom kunnen paarden selectief zijn in wat ze eten en hebben zij ook een goede tastzin in de vorm van tastharen bij de mond en een goede reukzin.

De spijsvertering van een paard in een notendop.

Alle voeding gaat door het spijsverteringskanaal, een orgaansysteem dat voedsel wat binnen komt omzet in bruikbare stoffen voor spieren, weefsels en organen. Het spijsverteringskanaal bestaat uit de mond, slokdarm, maag, darmen met een grote blindedarm (het coecum), lever en alvleesklier. Dit is bij een paard een omvangrijk stelsel.

De vertering van het aangeboden voedsel begint in de mond door de voeding te malen en speeksel te vormen. De kiezen van een paard zijn groot en beginnen al direct met het vermalen van de cellulose van het gras of het hooi. Speeksel is voor een paard belangrijk om de voeding die binnen komt als een papje naar de maag door te voeren. Hoe langer er gekauwd wordt hoe meer speeksel er wordt aangemaakt. Bij makkelijke voeding zoals een brok of slobber waar weinig kauwbewegingen voor nodig zijn wordt er ook weinig speeksel aangemaakt.

De maag is relatief klein en paarden hebben een korte dunne darm. De maag mag niet te veel gevuld zijn, daarom kan een paard geen grote hoeveelheden eten en eet van nature de hele dag door kleine porties. Hapje, stapje.

De darmen alleen al zijn meer dan 20 meter lang. De dikke darm en blindedarm zijn relatief groot. Hier vindt het grootste deel van het verteringsproces van de cellulose uit de grassen plaats, door de miljoenen bacteriën die hier huizen. Dit proces kan meer dan 40 uur duren. Je begrijpt dat een paard in zijn darmen een flinke voorraad aan voedingstoffen heeft en afhankelijk is van een goed functionerende groep darmbacteriën om deze af te breken en de voedingsstoffen op te nemen.

Essentiële voedingsstoffen:

Koolhydraten zijn voor paarden de belangrijkste energieleverancier. Eiwit is de bouwstof van het lichaam, waaruit alle weefsels worden opgebouwd. Vetten zijn energieleveranciers voor de spieren maar kunnen slechts in zeer beperkte mate door paarden worden verteerd, omdat zij geen galblaas hebben. Eiwitten, koolhydraten (ruwe celstof, de moeilijk verteerbare suikers zoals cellulose) en vetten: komen uit het ruwvoer. Onder ruwvoer wordt verstaan: gras, hooi, kuil, maar ook snijbiet en lucerne.

Onmisbaar zijn de volgende vitaminen en mineralen:

  • Calcium en Fosfor: voor botten en spierfunctie in de verhouding 2:1
  • Magnesium voor bot en spierweefsel
  • Natrium, Kalium en Chloor voor de vochthuishouding
  • IJzer (bloed), Koper (transport ijzer in lichaam), Zink (activeert aantal enzymen) Selenium (onderdeel van een enzym, tekort kan leiden tot spierafbraak, te veel kan toxisch zijn), Cobalt (onderdeel vit. B12), Molybdeen (betrokken bij ijzerhuishouding), Mangaan (betrokken bij gewrichtsvloeistof) en jodium (schildklierhormoon).
  • Vitaminen: A (caroteen), C, D, E, K en B-complex.
  • Biotine wordt vaak apart benoemd, is een onderdeel van B-complex en wordt ook wel vitamine H genoemd

 

De vetvertering bij een paard:

Paarden hebben geen galblaas waardoor vetten moeilijk door het spijsverteringskanaal kunnen worden omgezet. De spieren kunnen echter ook direct vetten omzetten. Spieren kunnen voor hun energieverbruik glucose gebruiken waarvoor zij geen zuurstof nodig hebben of direct uit vetten, waarvoor zij wel zuurstof nodig hebben. Een paard haalt de benodigde vetten uit de cellulose van het gras/ hooi die in de darm wordt afgebroken.

Meer over grassen, hooi en kuil.

Onze (gehouden) paarden hebben meestal niet de mogelijkheid eindeloos te grazen op uitgestrekte gebieden en eetbare producten naar hun gading te vinden. In het beste geval krijgen zij wel een deel van de dag of soms 7x 24 uur weidegang. Gras is rijker aan suiker en eiwit dan hooi en kuil, veelal veel te rijk in NL. De meesten weiden zijn ingezaaid met suikerrijk Engels raaigras en bemest met kunstmest, goedkoop en groeit best snel, maar ongeschikt voor onze paarden. Paarden hebben armere gras rassen nodig, liefst bemest met natuurlijke stoffen als lava die ook sporenelementen toevoegen in het gras en de bodem verantwoord vruchtbaarder maken. Daarnaast lustten ze graag verse kruiden waar ze uit kunnen kiezen.

Hooi is gedroogd gras en een prima ruwvoer om aan je paard te geven. De kwaliteit van het hooi is afhankelijk van de grassen (welke rassen) die gebruikt zijn en hoe het hooi is gedroogd. Hooi (en kuil ook) bevat net als gras fructaan, de hoeveelheid is afhankelijk van het tijdstip van hooien.

Kuil is ingepakt gemaaid gras. Het hoeft niet volledig droog te zijn als het wordt ingepakt en gaat dan ook fermenteren. Het gefermenteerd gras gaat sneller door een paardendarm dan grassen en hooi. Hierdoor worden voedingsstoffen mindergoed opgenomen. Bovendien is de zuurtegraad afwijkend en dit geeft verstoring van de darmflora. Kuil wordt eigenlijk gemaakt voor koeien die eiwitrijke voeding nodig hebben en is echt minder geschikt voor paarden. Paarden kunnen het wel verteren.

Zowel hooi als kuil verliezen gedurende de ligtijd caroteen, vitamine D en E. Uitgangspunt is om hooi van maximaal 1 jaar oud te geven of als je nog een restpartij ouder hooi hebt dit dan te mengen met verser hooi.

In principe krijgt een paard met goede kwaliteit gras en hooi alles binnen wat hij nodig heeft.

 

Welke hoeveelheden voer heeft een paard nodig?

Een paard heeft dus vooral ruwvoer nodig, dagelijks 1,5 tot maximaal 2 % van haar gewicht. Een paard van 500 kilo heeft dus dagelijks 7 tot 10 kilo ruwvoer nodig. Het is belangrijk dat de darmen altijd vol zijn: dan liggen ze stabiel in de buik en de darmen blijven ook qua fermentatie in balans.

De maag is relatief klein, daarom wordt meestal geadviseerd maximaal 1 kilo krachtvoer per keer te geven. Maar dat is in feite veel te veel. Ons advies is het maximaal bij een handje krachtvoer per dag te houden. Hooi en gras vraagt veel kauwbewegingen waar speeksel wordt aangemaakt en glijdt makkelijk de maag door, direct de darmen in. Daarom kunnen ze dat onbeperkt eten.

Een paard wat veel transpireert heeft extra Natrium nodig om de vochthuishouding in balans te houden. Dit kun je aanbieden via een mineralen blok, een Himalaya liksteen of bijvoorbeeld een handje Keltisch zeezout in een bak water. Je paard zal naar behoefte hiervan nemen.

In principe krijgt een paard met gras en hooi alles binnen wat hij nodig heeft. De kwaliteit van het gras en het hooi wat je geeft kun je laten analyseren. Alleen dan weet je wat er aan voedingsstoffen in zit. Diversiteit is belangrijk. Door een compleet of samengesteld krachtvoer bij te voeren waar alle mineralen en vitaminen in zitten kan je paard opnemen wat hij nodig heeft. Je biedt diversiteit en je kunt het handje krachtvoer als beloning inzetten.

Waarom geven wij paarden granen?

In de tijd dat paarden voor ons werkten op het land of voor de groenten- kar (zoals bij mijn grootvader) kon een paard de hele dag in feite niets eten. Ze waren aan het werk. Men wist toen ook al dat een paard regelmatig eten nodig heeft, vasten is niet goed voor het dramstelsel. Het was makkelijk om ze een portie haver of andere granen te geven. Een logische keuze, want granen zijn de vitale zaden van grassen. Paarden kunnen granen echter slechts beperkt verteren. Als je granen wil geven, geef ze dan zeer beperkt in kleine hoeveelheden.

Waarom geen makkelijk verteerbare koolhydraten geven?

Makkelijk verteerbare koolhydraten zijn in feite suikers die snel door het spijsvertering kanaal worden opgenomen. Makkelijke suikers laten de bloedsuikerspiegel snel stijgen, de alvleesklier produceert snel insuline om dit weg te werken, dan is er direct weer behoefte aan meer suiker. Op deze manier ontstaat een suiker verslaving.

Moeilijk verteerbare suikers worden pas in de blindedarm gefermenteerd, waarbij nuttige vetzuren vrijkomen en hebben dus de voorkeur.

 

Samenvatting:

Het spijsverteringsgestel van een paard is ingericht op de vertering van vezels. Gras, hooi, kuil, luzerne en snijmaïs vallen onder de noemer ruwvoer en bevatten veel vezels.

Gras is de meest natuurlijke voedingsbron voor onze paarden. Paarden hebben vezels nodig en moeilijk verteerbare koolhydraten, dus lang gras en verschillende grassoorten en bij voorkeur geen kort (raai) gras wat relatief veel suikers bevat.

Hooi heeft na gras de voorkeur als ruwvoer omdat het een rustige fermentatie in de darmen geeft. Kuil is al deels gefermenteerd, verstoord daardoor de darmflora en gaat sneller door de darmen heen wat de opnamen van voedingsstoffen bemoeilijkt.

Woont je paard op een stal op buitenleefomgeving met weidegang dan ben je afhankelijk van het beleid wat de stal hanteert. Wel kun je zelf bepalen wat je aan extra voeding of supplementen wil geven.

Het is onverstandig om in het wilde weg aanvullingen aan te bieden aan je paard. Baat het niet het schaadt niet is niet altijd van toepassing. Volg de omgekeerde weg: kijk wat een paard en jouw paard in het bijzonder aan voedingsstoffen nodig heeft. Laat het gras en het hooi analyseren en bekijk wat je paard daarvan binnen krijgt en bepaal dan welk aanvullend voer en/ of supplementen je kunt aanbieden.

Gebruikte bronnen:

  • Gezondheid en ziekte bij paarden van Prof. Dr. H.J. Breukink
  • 100+ vragen over de voeding van het paard van Anneke Hallebeek
  • Informatie van bio Ron op zijn website www.bio-ron.nl
  • Paardenvoeding van Margot Berger
  • Paard Natuurlijk van Frans Veldman en Ilona Kooistra
  • The Domestic Horse, by Daniel Mills and Sue McDonnell
  • Holistic care for Horses, an owners manual by Denise Bean Raymond
  • Zomereczeem onder controle van M. de Vries, natuurgeneeskundige
  • Zomereczeem opgelost met voeding, N. Hebing, natuurgeneeskundige

 

Meer over paarden grassen en weidebeheer voor paarden: bio-ron.nl

 

Geef een reactie